Sinds mijn onderzoek naar het Amsterdamse modehuis Hirsch & Cie (1882-1976) verzamel ik kleding van dit modehuis. Ik toon een aantal kledingstukken tijdens lezingen, maar leen deze ook uit voor tentoonstellingen.
In 2021-2022 waren twee kledingstukken uit mijn collectie te zien tijdens de tentoonstelling ‘Mode op de bon’ in Nationaal Museum Kamp Vught.

De tentoonstelling liet zien dat de ontwikkeling van de mode niet stilstond tijdens de bezetting, maar dat Nederlandse vrouwen er met creativiteit en hergebruik probeerden er mooi uit te blijven zien tijdens de oorlogsjaren.
Textiel was schaars en om stof te besparen werden rokken korter en minder geplooid. Door stoffen te combineren werden ‘nieuwe’ jurken gemaakt en oude herenkostuums werden getransformeerd tot mantelpakjes. Ook werd geëxperimenteerd met allerlei materialen. Zo waren er jurken van jute en meelzakken, kragen van mollen- of muizenbont, schoenen van hout, autobanden, karton, kurk en stro en truien van hondenhaar. Parachutes, afkomstig uit neergestorte vliegtuigen, deden dienst als stof voor trouwjurken.
Niet alleen kleding uit de oorlogsjaren was te zien tijdens de tentoonstelling, ook was er aandacht voor het hergebruik van stoffen en producten van nu. Zo waren er ontwerpen te bewonderen van Viktor&Rolf en Yasmina Ajbilou. Ook waren er ontwerpen te zien van studenten van de opleiding Junior Stylist van het Koning Willem I College in Den Bosch, die zich lieten inspireren door mode uit de oorlog.